Egypte

De diepte van het Nijldal: Geweerschoten

1. Een student neemt mij meer naar het huis van zijn familie in het dorp waar hij oorspronkelijk vandaan komt. Het is avond en de mannen zitten samen met de oma op de binnenplaats. Ze zeggen dat ik gisteren had moeten komen: toen arriveerde de uitzet van de bruid van één van de jongens en de feestvreugde werd kracht bijgezet met geweerschoten. Een kogel beschadigde het balkon, maar dat mocht de pret niet drukken.

Toen de ooms van de student nog jong waren, wilden ze wapens meenemen naar het land als ze daar vanwege de oogstdrukte sliepen, maar opa verbood dat: “Wij vertrouwen op God, niet op geweren.” De student zei echter pas dat hij zich toch wel eens afvraagt of hij straks als predikant een wapen in huis mag/moet halen: “Als het geweld toeneemt en ik vrouw en kinderen heb, mag ik hen dan verdedigen?”

In Egypte is wapenbezit aan wettelijke bepalingen gebonden, die echter niet overal op dezelfde wijze worden gehandhaafd. In dit dorp hebben zich vroeger woeste taferelen voorgedaan en sindsdien kwam de politie altijd even kijken als er werd geschoten: ging het om een bruiloft, dan kneep men een oogje dicht—een dorpscultuur kun je niet uitroeien—, maar ging het om eerwraak, dan werden de daders hard aangepakt—dorpscultuur of niet, moord kun je niet tolereren. Sinds de revolutie komt de politie echter de deur niet meer uit voor een geweerschot.

P1140462

2. De dienst in het dorp waar ik vanavond ben, is om goed zeven uur begonnen en na ruim een half uur van lofprijzing en gebeden hebben mijn vertaler en ik het woord gekregen. Wanneer ik bijna uitgesproken ben, staan opeens de jongelui van de achterste twee banken op en verlaten de kerk. Heb ik iets verkeerds gezegd? Of had ik mij moeten bekorten zodat de dienst ondanks de vertaling geen minuut langer duurde dan gebruikelijk? Misschien wel, en ik maak eerder mijzelf een verwijt dan de jongelui. Niettemin ben ik verbaasd: een preek te lang vinden is één ding, maar daadwerkelijk voor het einde opstappen is toch nog wat anders—zeker tegenover vreemdelingen houden Egyptenaren graag de goede schijn hoog.

Mij is echter iets ontgaan, zo blijkt achteraf. Als ik goed geluisterd had, had ik in de verte het geluid van een geweer gehoord. Enkele families leven in onmin met elkaar en houden met schoten in de lucht de verhoudingen scherp. Omstanders sluiten dan winkels en huizen want het kan opeens menens worden. En de jongelui weten dan hun aanwezigheid thuis op zo’n moment belangrijker is dan in de kerk.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s